Welsh corgi cardigan & pembroke

British Sheepdog Club

WELSH CORGI CARDIGAN en PEMBROKE

 

Van de oorsprong is weinig bekend. Een legende uit Wales vertelt het verhaal van twee kinderen die 2 puppies mee naar huis brachten, waarvan ze dachten dat het vossejongen waren. De puppies, een geschenk van de feeën, groeiden op tot gewaardeerde helpers bij de bewaking van het vee en zijn dat sindsdien blijven doen.

Of het waren de paarden van de feeën ... waarvan de aftekeningen op de schouders van de huidige corgis de resten zijn van de teugels.

 

Genoeg legende. De corgis komen reeds sedert enkele honderden jaren voor in het Zuid-Oosten van Wales. Ze zijn van oorsprong kuddehonden, gehouden voor het bewaken en begeleiden van het vee, zowel op de weide als op weg naar de markt.

 

In 1925 werden de eerste corgis tentoongesteld onder de naam "Curs" en werd de rasclub gesticht, waarvan echter alleen de Pembroke deel uitmaakte. In 1926 krijgt ook de Cardigan zijn club maar de Welsh Corgis worden als één ras beschouwd met twee varianten en worden dan ook samen gejureerd. Het duurt tot in 1934 vooraleer de twee rassen afzonderlijk worden erkend.

 

Er bestaan veel theoriën over het ontstaan van het ras:

volgens Lloyd Thomas is de echte oorsprong verschillend. De Pembroke zou voortkomen van de Spitz en de Cardigan van de Teckel.

voor Hubbard zou een lokale hond, de Welsh Herd dog, aan de basis liggen en gekruist zijn met de Vallhound of de Västgotaspets. De Cardigan heeft meer eigenschapen behouden van de lokale hond, terwijl de Pembroke dichter zou aanleunen bij de Vallhund. Deze karakteristieken zouden dan nog geaccentueerd zijn door kruisingen met het Schiperke en de Spitz.

een derde hypothese is deze van Forsyth Forrest welke meent dat de corgi een oorspronkelijk Brits ras is met een zekere relatie tot de Lancashire Heeler.

 

KARAKTER

De bobtail is zacht, loyaal en trouw, en opmerkelijk gevoelig en subtiel.

UITZICHT

Karakter

Enorm populair over het Kanaal (de favoriete hond van de koningin van Engeland) genieten de corgis hier weinig bekendheid. Misschien ligt het aan hun uiterlijk wat hen wat op bastaardhonden laat lijken, wat jammer is want deze kleine, robuuste honden worden niet op hun juiste waarde geschat.

 

De corgis behoren tot de groep van herdershonden, dit wil zeggen dat ze van nature uit over de nodige talenten beschikken en eenvoudig afgericht kunnen worden.

 

Ze worden voor vele doeleinden gebruikt. Sommigen worden nog steeds als kuddehond gebruikt en bewaken het vee. Als de gelegenheid zich voordoet zullen ze niet aarzelen om op ratten of konijnen te jagen, terwijl anderen zelfs opgeleid zijn om wild te apporteren.

Ook op gehoorzaamheid en agility weten ze zich te onderscheiden. Zelfs bij rampen worden ze ingezet terwijl er ook gebrevetteerde lawinehonden zijn.

 

Gezegend met een opgewekt karakter, steeds voor een wandeling bereid, is de corgi een ideale gezelschapshond. Maar opgelet, zoals iedere hond dient hij vanaf zijn prille jeugd gesocialiseerd en voldoende opgevoed om later zoner problemen overal zijn bassje te kunnen vergezellen.

Uitzicht

 

De corgis zijn honden laag op de poten maar robuust gebouwd, welke een krachtige indruk geven ondanks hun geringe volume en grootte. Zowel de Pembroke als de Cardigan heeft een korte vacht.

 

Een opvallend kenmerk is natuurlijk het hoofd, Pembroke of Cardigan, welke een opvallende gelijkenis vertoont met het hoofd van de vos. Grote, beweeglijke en opstaande oren, de snuit en de ronde, levendige ogen geven het ganse hoofd die typische uitdrukking. Het hoofd van de Cardigan is iets zwaarder en de oren zijn groter dan van de Pembroke.

 

Ook het lichaam van de Cardigan is iets langer dan dat van de Pembroke, en hij is in het algemeen krachtiger en wat hoger op de poot dan zijn neef.

 

Maar vooral het verschil in achterhand is kenmerkend : de Cardigan heeft ronde voeten en iets naar buiten gericht, terwijl de Pembroke rechte leden heeft met ovale voeten.

 

De kleurschakeringen bij de Cardigan zijn iets uitgebreider dan bij de Pembroke. De normale kleuren zijn : rood, fauve (charbonné of niet), zwart en feu. Daarbuiten komt brindle en blue merle ook nog voor bij de Cardigan. Bij de twee rassen zijn witte vlekken toegelaten op de poten, de borst en de nek. een beetje wit op het hoofd en de snuit is toegelaten. Grotere witte markeringen zijn toegelaten bij de Cardigan voor zover het wit niet overheersend wordt.

 

Het opvallendste verschil tussen de twee rassen is (was -coupeerverbod) natuurlijk de staart. Inderdaad, waar de Cardigan eigenaar is van een mooie vossenstaart moe(s)t de Pembroke zich tevreden stellen met een zeer kort staartje, bij voorkeur van nature uit. Sommige fokkers, voornamelijk Zwitsers en Nederlanders, laten hun Pembrokes hun natuurijk aangeboren staart behouden, wat aanleiding geeft (gaf) tot hevige discussies met de andere liefhebbers van dit ras.

 

Hoogte :

Pembroke : 25,4cm tot 30,5cm

Cardigan : circa 30cm

Verzorging

Door hun korte vacht behoeven de corgis maar een minimum aan vachtverzorging. Een wekelijkse borstelbeurt volstaat, even nog met de kam erdoor om het dode haar te verwijderen, en de vacht van de corgi is terug tiptop.

 

Tijdens de toilettage ook even aandacht schenken aan de oren en de tanden en te lange nagels bijknippen. Indien nodig kan de hond gewassen worden met een aangepaste shampoo.

 

Indien de hond op tentoonstelling gaat kunnen aan de normale basisverzorging nog enkele extra's toegevoegd worden : enkele dagen voor de show kunnen de witte markeringen extra worden gewassen, de nagels voldoende kort knipen en het haar tussen de voetkussentjes goed bijknippen. De avond ervoor nog even borstelen, vooraleer in de ring te stappen de vacht mooi opkammen en uw corgi is klaar om zich te in de ring te verdedigen.

Copyright © All Rights Reserved